Home » Kleefstra » Kleefstra syndroom en het gebit, van de eerste tandjes tot ontbrekende volwassen tanden Kleefstra syndroom en het gebit, van de eerste tandjes tot ontbrekende volwassen tanden maart 4, 2026 Hoe het Kleefstra syndroom invloed kan hebben op het gebit Het Kleefstra-syndroom is een zeldzame genetische aandoening die invloed heeft op verschillende onderdelen van de ontwikkeling. Maar wist je dat ook het gebit zich vaak anders ontwikkelt dan bij een normaal kind? Dat kan al beginnen bij de eerste tandjes. Sommige kinderen met het Kleefstra syndroom krijgen hun tanden later dan gemiddeld. Noor was ruim een jaar toen haar eerste tandje doorbrak. Soms leek het gebit lange tijd stil te staan en kwamen er ineens meerdere tanden tegelijk door. Naast het moment waarop tanden doorkomen, kunnen ook de vorm en stand van tanden anders zijn. Sommige tanden zijn kleiner dan gemiddeld, iets ronder van vorm of staan wat verder uit elkaar. Bij een lach valt dan bijvoorbeeld op dat er meer ruimte tussen de voortanden zit. Het maakt een Kleefstra lach wel een herkenbaar en typisch lachje. Kenmerken die tandartsen vaker zien Bij kinderen en volwassenen met het Kleefstra syndroom beschrijven tandartsen een aantal kenmerken die relatief vaak voorkomen. Eén daarvan is een groter ruimte tussen tanden. Dat kan ontstaan doordat tanden wat kleiner zijn of doordat de kaakvorm anders ontwikkeld is.nOok een hoog gehemelte komt regelmatig voor. Dat betekent dat het gehemelte in de mond wat hoger en smaller is dan gemiddeld. Daardoor kan de tandboog ook smaller zijn, wat invloed heeft op hoe tanden doorbreken en hoe ze uiteindelijk in de kaak staan. Daarnaast kan de stand van tanden iets anders zijn. Sommige tanden groeien scheef of draaien een beetje. Soms sluiten de boven en ondertanden ook niet helemaal netjes op elkaar aan. Noor lijkt soort van schuine voortandjes te hebben. Een andere factor die invloed kan hebben op het gebit is de lagere spierspanning die bij het syndroom voorkomt. De spieren rond de mond werken dan anders, wat invloed kan hebben op kauwen, slikken en de ontwikkeling van de kaak. Help, mijn kind heeft kaasmolaren! Wanneer volwassen tanden ontbreken Bij sommige mensen met het Kleefstra syndroom gebeurt er nog iets anders met het gebit. Eén of meerdere blijvende tanden blijken nooit te zijn aangelegd. Tandartsen noemen dit hypodontie. Dat betekent dat de tand al tijdens de vroege ontwikkeling niet is gevormd. In de kaak ontstaan normaal kleine structuren die tandkiemen worden genoemd. Uit zo’n tandkiem groeit later een tand. Wanneer zo’n tandkiem niet ontstaat, kan de tand later ook niet doorkomen. Vaak wordt dit pas ontdekt wanneer een tandarts een röntgenfoto maakt om te kijken hoe het volwassen gebit zich ontwikkelt. Soms valt het eerder op doordat een melktand opvallend lang blijft zitten of doordat er een lege plek ontstaat waar eigenlijk een tand had moeten komen. Nu Noor de leeftijd van 8 jaar bereikt had, was het een mooi moment op haar gebit op de foto te zetten. En met veel trots kan ik zeggen dat al haar tanden aanwezig zijn! Omdat het Kleefstra syndroom zich bij iedereen anders uit, kijken tandartsen meestal heel individueel naar het gebit. Het belangrijkste is dat iemand goed kan eten, praten en zijn mond gezond kan houden. Het uiterlijk van het gebit is daarbij vaak minder belangrijk dan hoe goed het in het dagelijks leven functioneert. Gelukkig lijkt onze smikkelbeer nergens last van te hebben. Gerelateerde posts: WLZ aanvragen? Bureaucratie ten top! Twee opmerkelijke eerste reacties na de diagnose van Noor De WLZ aanvraag: eindelijk een besluit Papierwerk in het kwadraat